Geografie en bevolking van Groot-Brittannië

Exmoor National Park in Engeland Pass of Glencoe in de Highlands van Schotland Mullion Cove in Cornwall Lake District National Park in Engeland The Cotswolds in Engeland St James Park in Londen Edinburgh in Schotland

Geografie (1) - landschappen van Groot-Brittannië

Geologie: Groot-Brittannië heeft een zeer diverse geologie met gesteenten uit alle geologische tijdvakken. Daarnaast zijn er ook vele verschillende soorten landschappen: van glooiende heuvels met gras en bos als begroeiing, berggebieden met heidevelden tot vlakke laaggelegen gebieden met veel akkerbouw. Er zijn ondergronden van harde steen en ondergronden van bijvoorbeeld zacht kalksteen. De witte kliffen van zuid Engeland zijn daar een mooi voorbeeld van, hetgeen overigens zorgt voor de nodige erosie en het langzamerhand terugdringen van de kustlijn. De oudste gesteenten zijn te vinden in het bergachtige noordwesten van Schotland. Heel vroeger zat Groot-Brittannië overigens gewoon vast aan Europa. Na de laatste IJstijd (meer dan 6 duizend jaar voor Christus) liep het gebied tussen Engeland en Frankrijk onder water. Een grote aardverschijving zou de grote oorzaak kunnen zijn geweest, men weet het niet zeker.

Bergen: Groot-Brittannië is voor een groot deel bergachtig en heuvelachtig. De bergen vindt u met name in het noorden en westen. Schotland en Wales bestaan beide voor een groot deel uit berggebieden. De meeste hoogste toppen in Schotland zijn bijvoorbeeld te vinden in het Cairngorms National Park en in Wales in het Snowdonia National Park. Ook noord Engeland kent bergen: in het noordwesten ligt het nationale park het Lake District en er zijn bergen en heuvels langs de Pennines. Dit is de ruggegraat van noord Engeland waar bijvoorbeeld ook het Yorkshire Dales National Park te vinden is. Op het eiland bevinden zich overigens 15 nationale parken, waarvan een groot deel met de nodige hoogtemeters. De hoogste berg staat vlakbij het stadje Fort William in Schotland en heeft de naam Ben Nevis.

Heuvels: naast de net genoemde berggebieden kent het eiland ook vele streken met lagere heuvellandschappen. In zuidwest Engeland liggen bijvoorbeeld de nationale parken Exmoor en Dartmoor vlakbij elkaar en kennen toppen tot 600 meter. Een voorbeeld van een uitgestrekt heuvelgebied is de lagere glooiende zone van zuid Engeland en het eiland Wight, het zogenaamde 'downland'. Andere voorbeelden zijn de Shropshire Hills in het westen van het land, het North York Moors National Park in het noordoosten en de heuvels van de Scottish Borders in zuidoost Schotland.

Geografie (2) - landschappen van Groot-Brittannië

Vlakke gebieden: er zijn echter ook vlakke gebieden, met name in Engeland. Die vindt u vooral in de verstedelijkte gebieden in en rondom bijvoorbeeld Londen, Birmingham, Nottingham en Liverpool maar ook in de plattelandsgebieden van oost Engeland. Dat zijn met name de graafschappen Essex, Suffolk, Norfolk, Cambridgeshire en Lincolnshire. Ook het gebied in en rondom de grote steden van Schotland, namelijk Glasgow en Edinburgh, de laaglanden, zijn aanzienlijk vlakker dan de rest van Schotland.

Kusten: vele kustgebieden in Groot-Brittannië zijn flink geaccidenteerd. Er zijn de nodige kliffen en baaien bijvoorbeeld in Devon en Cornwall in het zuidwesten, in Pembrokeshire in zuidwest Wales en in allerlei delen van Schotland. Zeer bekend zijn ook de witte krijtrotsen in Kent en East Sussex, zuidoost Engeland. Een aantal secties zijn ook wel degelijk vlak of een stuk vlakker, zoals grote delen van de oostkust van Engeland en kleine stroken waar enkele grote badplaatsen gesitueerd zijn. Kijk hier voor een greep uit de mooie kustgebieden.

Meren: de meest in het oog springende meren bevinden zich in Schotland. Dit zijn met name Loch Lomond en Loch Ness, de twee grootste meren van Groot-Brittannië. Het grootste meer van het Verenigd Koninkrijk vindt u overigens in Noord-Ierland. Daar ligt het enorme Lough Neagh, niet al te ver ten westen van de hoofdstad Belfast. Een ander gebied dat bekend is vanwege zijn mooie meren is het Lake District National Park in noordwest Engeland. Dit bergachtige gebied kent kleine valleien met elk een eigen microklimaat en verschillende kleinere en grotere meren. Een ander redelijk groot meer in het land is Rutland Water in de East Midlands. Er zijn uiteraard meer kleinere meren maar ook een aantal waterreservoirs, kunstmatige meren dus. Die vindt u bijvoorbeeld in de bergen van het Brecon Beacons National Park in zuid Wales en in het heuvelachtige Peak District National Park in midden/noord Engeland.

Bevolkingsspreiding

Inwonertallen: in Groot-Brittannië wonen meer dan 60 miljoen mensen waarvan verreweg het grootste gedeelte in Engeland. Dat komt omdat dit het grootste land is maar ook omdat Schotland en Wales grotendeels uit bergachtige regionen bestaan. Noord-Ierland behoort overigens ook tot het Verenigd Koninkrijk en daar wonen niet veel minder dan 2 miljoen mensen waarvan de meesten in en rondom Belfast in het oosten.

Verstedelijkte gebieden: een groot deel van de bevolking woont in de steden en de aangegroeide gemeenten. Verreweg de meeste inwoners telt de metropool Londen, of beter gezegd het graafschap Greater London. Daar wonen meer dan 8 miljoen mensen. De andere gebieden zijn te vinden rond Birmingham (West Midlands) in het westen, de oude industriesteden Manchester, Leeds en Sheffield (beiden Yorkshire) in het noorden en de laaglanden van Schotland. Daar liggen de steden Edinburgh en Glasgow. Er wonen ook veel mensen in Liverpool in het noordwesten, in en rond Newcastle in het noordoosten en in de stad Bristol in het zuidwesten. Wales kent geen echte grote steden. De grotere steden Cardiff, Swansea en Newport liggen allen aan de zuidkust. Naast de grote bevolkingscentra zijn er uiteraard nog veel meer steden in Groot-Brittannië.

Kleinere steden en platteland: als je kijkt naar de inwonertallen per graafschap dan zie je dat na de verstedelijkte gebieden het redelijk gelijk verdeeld is. In de zuidelijke Engelse graafschappen Kent en Hampshire wonen bijvoorbeeld wat meer mensen dan in andere gebieden. Voorbeelden van relatief dunbevolkte graafschappen zijn Wiltshire, Cornwall en Devon in het zuiden, Shropshire en Herefordshire in het westen, Norfolk, Suffolk en Lincolnshire in het oosten en Northumberland, Cumbria en North Yorkshire in het noorden. Verspreid over Groot-Brittannië vindt u uiteraard ook de nodige mooie dorpen. In Schotland en Wales is de bevolkingsspreiding nog een stuk groter. Een groot deel van deze landen is bergachtig en daar wonen nu eenmaal veel minder mensen. Naast de kernen rondom steden en stadjes als Glasgow, Edinburgh, Stirling, Aberdeen, Dundee en Cardiff (Wales) zijn de gebieden veelal (relatief) dunbevolkt.

Politiek

Politieke voorkeur: als je kijkt naar de politieke kaart van Groot-Brittannië dan zie je over het algemeen hetzelfde beeld als in andere soortgelijke westerse landen. De Sociaal Democraten, in dit geval de Labour partij, hebben vooral in de verstedelijkte gebieden de grootste aanhang en domineren daar ook de politiek. Daarnaast is de partij ook groot in andere delen van noord Engeland, Wales en Schotland. De conservatieven, de Tory partij, domineren vooral de kleinere districten en de landelijke gebieden. Zij zijn groot in de Shires, het traditionele Engeland, vooral in het zuiden, zuidoosten en zuidwesten, en minder in het noorden. Wat vooral opvalt is dat de Tories in Schotland zeer weinig aanhang hebben. In 2016 heeft men in het verenigd Koninkrijk gestemd voor de Brexit waardoor het land zich terug zal trekken uit de Europese Unie. Dat is op moment van schrijven nog niet geéffectueerd.

Dan heb je ook nog de Liberal Democrats, de sociaal liberalen. Die partij is kleiner al hadden ze het de één na laatste verkiezingen het zeer goed gedaan waardoor ze samen met de conservatieven de regering vormden. Dit was overigens zeer uitzonderlijk omdat het Verenigd Koninkrijk tot dan toe altijd door één partij geregeerd werd. Er was dit keer alleen geen partij met de absolute meerderheid. Op dit moment regeren de Tories weer alleen. De grootste aanhang van Liberal Democrat was te vinden in noord Schotland, delen van Wales, noordoost Engeland en zuidwest Engeland. Dan is er de laatste jaren nog een andere politieke partij op het toneel verschenen, namelijk UKIP, oftwel de UK Independence Party. Dit is de nationalistische anti Europa partij die deel uitmaakt van het Europees Parlement maar (nog) niet van het Britse parlement in Londen. Wanneer dat wel gaat gebeuren zal er op rechts ongetwijfeld een serieuze verschijving plaatsvinden omdat deze nieuwe partij vooralsnog redelijk populair is. En dat geldt helemaal nu het Verenigd Koninkrijk via het referundum tot een Brexit heeft besloten, de uittreding uit de Europese Unie. Dit heeft tot een heleboel politieke instabiliteit geleid want premier Cameron gaat niet door en ook de Corbyn, leider van Labour ligt onder vuur bij zijn eigen partij.

SNP: speciale aandacht voor de Scottish National Party. Naast het Britse parlement in Westminster (Londen) heeft Schotland ook zijn eigen parlement in Edinburgh, de hoofstad. Het land streefde al een tijdje naar een vorm van onafhankelijk, van meer zeggenschap in hun eigen land en dat werd gehonoreerd na een referendum in 1997. Daardoor werd het parlement opgericht waardoor de Schotten op een aantal beleidsterreinen hun eigen lijn konden uitstippelen. Hier is het echter niet bij gebleven. De SNP heeft veel steun in Schotland en is de grootste partij van het land en in het parlement in Edinburgh. Qua ideologie zit de partij aan de linkerkant van het politieke spectrum. De leider Alex Salmond kreeg het voor elkaar wederom een referendum te houden, dit keer over de volledige onafhankelijk en dus het verlaten van het Verenigd Koninkrijk. Op 18 september 2014 was de dag van de waarheid en de uitslag was NEE. 55% van de kiezers stemde tegen onafhankelijkheid. Salmond stapte daarna op als leider van de partij maar het streven naar onafhankelijkheid blijft bestaan. Dit is voor het laatst bijgewerkt in oktober 2017.

→ Terug naar Natuur en Historisch Erfgoed
→ Een korte geschiedenis van Groot-Brittannië